Is de letter "H" onze toekomstige brandstof?
Opleiding

Is de letter "H" onze toekomstige brandstof?

Dit artikel was geschreven door Ole Siemons als onderdeel van het vak Professionele en Communicatieve Vaardigheden tijdens academisch jaar 2020 - 2021

 

Het is overal om ons heen, we hebben er iedere dag mee te maken en ongeveer 70% van de aarde is bedekt met het eindproduct van een voertuig dat rijdt op waterstof (H): H2O, oftewel water! Maar wat hebben we er nu eigenlijk aan? Wat zijn de voor- en nadelen en hoe wordt er nu onderzoek gedaan naar waterstof binnen de mobiliteitssector? Kan het zijn dat we over een x-aantal jaar misschien echt op waterstof aangedreven voertuigen rijden?

Verschillende onderzoeken

Om te beginnen gaan we kijken naar de onderzoeksmethoden van de verschillende onderzoeken. Zo is het onderzoek van de ANWB echt een onderzoek dat gericht is op de praktijk. Het is namelijk uitgevoerd door professionals van de ANWB die twee waterstof auto’s hebben getest op onder andere: actieradius, bruikbaarheid binnen Nederland en hoe een waterstof auto concurreert met een elektrische auto.

Het onderzoek naar de haalbaarheid van waterstof binnen mobiliteit dat in 2008 aangeboden is aan de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer is daarentegen heel anders uitgevoerd. Dit onderzoek is namelijk heel theoretisch uitgevoerd. Zo heeft het secretariaat van de Gezondheidsraad met een aantal commissieleden de tekst voor het onderzoek voorbereid en dat later voor toetsing voorgelegd aan de beraad groep “Gezondheid en omgeving” van de gezondheidsraad. Tenslotte is aan prof. Dr. C.H.J. Midden gevraagd om commentaar te geven.

Het rapport van de kennisbank over waterstof binnen mobiliteit “H2Platform” heeft ook een theoretische aanleg. Deze kennisbank verzameld alle informatie die op de wereld beschikbaar is over waterstof met betrekking tot mobiliteit. Zij hebben niet een eenduidige manier van onderzoeken. Wat zij doen, is namelijk verschillende onderzoeken combineren om er uiteindelijk voor te zorgen dat de belangrijkste informatie “achterblijft”.

De voordelen

Maar wat zijn nu de resultaten van de onderzoeken? Ten eerste zal de toepassing van waterstof in het gemotoriseerde wegverkeer ervoor zorgen dat de luchtverontreiniging door schadelijke stoffen als stikstofoxiden en fijnstof enorm afneemt. Dit komt ten goede van de volksgezondheid in heel Nederland, maar met name steden zullen hiervan profiteren; de leefbaarheid zal hier sterk toenemen. Ook leiden waterstof-voertuigen tot minder uitstoot van schadelijke broeikasgassen, wat gunstig is voor de volksgezondheid, zowel direct als indirect. Niet te vergeten, heeft het ook een positieve bijdrage op mondiaal niveau, wat ervoor kan zorgen dat meerdere landen waterstof als een serieuze optie gaan beschouwen (Nederlandse gezondheidsraad, 2008).

Bovendien produceren voertuigen op waterstof een stuk minder geluid (ANWB, 2019). Voertuigen die rijden op waterstof zijn net zo stil als voertuigen die rijden op elektriciteit. Door deze positieve eigenschap zal de leefbaarheid eveneens verbeteren. Zo hebben bewoners die aan een drukke straat wonen een stuk minder last van voorbijrazende voertuigen wanneer deze op waterstof rijden, dan wanneer ze op een fossiele brandstof rijden. Even ter vergelijking: het aantal decibellen van een auto welke op fossiele brandstof rijdt ligt zo rond de 70 dB, terwijl er vanuit Europa een studie wordt gedaan naar het verplicht maken van een “voertuigwaarschuwingssysteem” voor elektrische -en waterstofauto’s omdat deze anders te gevaarlijk zijn omdat ze zo stil zijn (!).

De nadelen

Daarentegen moet de technologie om waterstof te verkrijgen nog wel wat ontwikkelingen doormaken (H2Platform, s.d.). Zo is waterstof bij verbanding wel emissie vrij maar dat is het per definitie niet bij de productie ervan. Waterstof moet namelijk, net zoals alle andere brandstoffen, in een raffinaderij gemaakt worden waar het afhangt van de productiemethode of waterstof van begin tot eind emissie vrij is. Zo heb je grijze, blauwe en groene waterstof. Alleen bij de laatstgenoemde soort is de waterstof volledig emissievrij. Bij de andere twee soorten komen er bij de productie broeikasgassen vrij. De broeikasgassen worden bij blauwe waterstof ondergronds opgeslagen terwijl die bij grijze waterstof gewoon in de lucht worden vrijgelaten.

Tenslotte moeten we de risico’s van waterstof niet uit het oog verliezen. Zo is waterstof bijvoorbeeld zeer licht ontvlambaar en is het bij ontbranding bijna onzichtbaar en amper voelbaar, doordat er bij een waterstofbrand weinig warmtestraling vrijkomt. Een waterstofbrand is dus niet makkelijk te herkennen en kan zich eenvoudig uitbreiden, waardoor er veel gewonden kunnen vallen.

Dus, hoe nu verder?

Waterstof is zeker een goede optie om op te nemen in onze energietransitie. Zo is het introduceren van waterstof als brandstof bij het gemotoriseerd wegverkeer een goed idee. Hierdoor wordt namelijk de concentratie stikstofdioxiden en fijnstof heel erg teruggedrongen wat ten goede komt van de volksgezondheid. Ook worden de broeikasgassen van gemotoriseerd wegverkeer heel erg teruggedrongen door het rijden op waterstof, wat niet alleen landelijk, maar ook mondiaal tot positieve gevolgen kan leiden.

Wel moeten we nog veel investeren in de productie van waterstof. Deze is nu namelijk nog niet helemaal optimaal omdat niet alle waterstof op de “groene” manier wordt geproduceerd. Hierdoor is waterstof niet volledig emissievrij, wat ervoor zorgt dat de rendabiliteit van waterstof als brandstof niet 100% is. Daarnaast moeten we de directe risico’s van waterstof nooit uit het oog verliezen. Waterstof heeft namelijk een aantal vervelende eigenschappen die een eventuele waterstofbrand levensgevaarlijk maken.

Wat is nu wijs?

Het is verstandig dat de overheid, zolang waterstof nog in de ontwikkelfase zit, een “vinger aan de pols houdt” (Nederlandse gezondheidsraad, 2008). De nadelen van waterstof moeten namelijk niet zwaarder wegen dan de voordelen ervan. Waterstof moet namelijk zo rendabel mogelijk zijn voor het land en daarbij kan de overheid helpen. De overheid kan dit bewerkstelligen door een transitiemanagement in te stellen, zodat de overheid de regie heeft, hetgeen er uiteindelijk voor zorgt dat deze transitie goed verloopt.

Bronnenlijst

ANWB. (2019, september 27). Waterstof: de voors en tegens. Opgehaald van anwb: https://www.anwb.nl/auto/nieuws/2019/september/waterstof-de-voors-en-tegens

De wereld van waterstof. (s.d.). Waterstof: hoe zetten we het in. Opgehaald van dewereldvanwaterstof.nl:
https://www.dewereldvanwaterstof.nl/gasunie/vraag-en-aanbod/

Duurzaam MBO. (s.d.). Waterstof(auto) en brandstofcellen . Opgehaald van Duurzaam MBO:
https://www.duurzaammbo.nl/index.php/b3-2-planet/57-kennisbank/planet/4354-waterstof-2

H2Platform. (s.d.). Verduurzaming via waterstof. Opgehaald van H2Platform:
https://opwegmetwaterstof.nl/verduurzaming-via-waterstof/

Nederlandse gezondheidsraad. (2008). Waterstof in het wegverkeer. Opgeroepen op oktober 4, 2020, van
https://dspace.library.uu.nl/handle/1874/32769

;